Blok 2: Voorbereiding van de pilot

Onderliggende pagina's

Plan van aanpak

Voordat de pilot van start ging is in een kort en gezamenlijk proces een Plan van Aanpak ontwikkeld. Door dit vanaf het begin samen met partijen te ontwikkelen is een gedragen aanpak ontstaan waarbij gedeeld eigenaarschap is gecreëerd. Een aantal gezamenlijke werksessies zijn hierbij cruciaal geweest.

Strategisch keuzeraam en scenario’s

In een eerste werksessie zijn Rijk en regio gezamenlijk aan de slag gegaan met het verkennen van elementen voor de uitwerking van een Omgevingsagenda. Hieruit kwam een aantal kernvragen en discussiepunten naar voren over de aard en positionering van de Omgevingsagenda.

Voorafgaand aan de tweede werksessie zijn deze kernvragen en discussiepunten vertaald in een strategisch keuzeraam. De strategische keuzes ondersteunen bij het zicht krijgen op de mogelijke meerwaarde van de Omgevingsagenda. Dit strategisch keuzeraam leverde een aantal uiteenlopende scenario’s op voor een nieuwe Omgevingsagenda. De keuzes en scenario’s zijn in de tweede werksessie getoetst bij de aanwezigen. Uit deze toets kwam een duidelijk gedeeld beeld naar voren over de  uitgangspunten voor de nieuwe Omgevingsagenda. De volgende uitgangspunten werden onderschreven:

  • Het doel van de Omgevingsagenda is beleidsafstemming tussen de overheden, waarbij met een programma verbinding wordt gelegd met acties en projecten (met samenhang door schalen heen);
  • Vanuit dit doel is de Omgevingsagenda Oost primair een publiek document. Bij het opstellen van de Omgevingsagenda worden wel private partijen betrokken;
  • De scope is primair de fysieke leefomgeving met verbinding naar opgaven op andere domeinen;
  • Waarbij wordt gefocust op gezamenlijke integrale (gebieds)opgaven die als een ‘vliegwiel’ kunnen gaan fungeren voor samenhangende opgaven (bijvoorbeeld op lokaal niveau);
  • De Omgevingsagenda kent een mix van bestaand beleid en nieuw beleid.

Bij de start van de pilot zijn ook leervragen in beeld gebracht, deze zijn in fase 1 tijdens de Gebieds-dialoog en het kernteamoverleg verder aangescherpt. De leervragen zijn te verdelen in drie hoofdvragen:

  • Met welke doel, karakter en positie heeft de Omgevingsagenda maximale meerwaarde? En hoe kan de invloed op de (agendering van de) uitvoering worden vergroot?
  • Wat betekent dit voor de scope van de agenda, inhoud van de opgaven en het geschikte schaalniveau?
  • Hoe richten we een proces in gericht op gedeeld eigenaarschap voor de aanpak van de gezamenlijke opgaven?

De specifiekere vragen die hieronder vallen, zijn in het document leervragen pilot terug te lezen.